Inburgering weer naar de gemeenten – wat gaat er veranderen?

Inburgering weer naar de gemeenten – wat gaat er veranderen?

Inburgering

Inburgering draait om de maatschappelijke integratie van nieuwkomers in Nederland. In de inburgering zetten de nieuwkomers een aantal stappen die er toe moeten leiden dat zij een volwaardige plaats in de samenleving kunnen innemen.

De inburgering bestaat in Nederland uit de volgende onderdelen:

  • Het leren van de Nederlandse taal – de grens ligt op dit moment op niveau A2;
  • Binnen 1 jaar een traject doorlopen dat leidt tot ondertekening van een Participatieverklaring;
  • Leren hoe Nederlanders wonen en werken;
  • Inburgeringsexamen.

De grootste groep inburgeringsplichtigen zijn statushouders (gemiddeld 40.000 per jaar). Daarnaast is er een inburgeringsplicht voor partners van Nederlanders die zich in Nederland vestigen (5 tot 7.000 per jaar). Binnen 3 jaar moet het inburgeringsexamen behaald zijn.

Hoe is het huidige stelsel ook alweer tot stand gekomen?

Vanaf 1 januari 2007 is de Wet Inburgering van kracht. In die wet is geregeld dat nieuwkomers in Nederland verplicht zijn om in te burgeren. In de periode van 2007 tot 2013 regelden de gemeenten de inburgering. De gemeenten deden aan ieder inburgeraar een aanbod voor een inburgeringstraject, dat leidde tot een inburgeringsexamen.

Het huidige stelsel is vanaf 1 januari 2013 van kracht. De verantwoordelijkheid voor de inburgering verschoof op dat moment van de gemeente naar de inburgeraar zelf. Iedere nieuwkomer heeft 3 jaar de tijd om het inburgeringsexamen te halen. De inburgeraar organiseert en betaalt zelf de cursus die nodig is om het examen te halen. Hiervoor kan de inburgeraar een lening afsluiten van 10.000 euro bij DUO. Aan statushouders wordt de lening kwijtgescholden wanneer zij binnen 3 jaar het inburgeringsexamen halen. In 2017 is de ‘participatieverklaring’ toegevoegd aan de inburgering.

Er was de afgelopen jaren veel kritiek op het huidige stelsel. Het aantal succesvol afgelegde inburgeringsexamens is sinds 2013 sterk gedaald.

Wat gaat er op 1 januari 2021 veranderen?

Het inburgeringsstelsel gaat flink op de schop. Gemeenten krijgen daarin weer meer regie en een grotere rol. Wel blijft de nieuwkomer er zelf verantwoordelijk voor dat hij binnen 3 jaar het inburgeringsexamen haalt. De belangrijkste veranderingen op een rij:

  • De gemeenten gaan de inburgeringscursussen inkopen. Op die manier wil de overheid meer grip krijgen op de kwaliteit van de cursussen. Het leenstelstel verdwijnt. De middelen die voorheen werden ingezet voor het leenstelsel gaan naar de gemeenten voor de inkoop van inburgeringscursussen.
  • De gemeenten gaan bij de start van het inburgeringstraject een ‘brede intake’ afnemen die breed inzicht geeft in de startpositie en de ontwikkelmogelijkheden van de inburgeringsplichtige. Dit gaat veel breder dan alleen taal en kennis van de Nederlandse samenleving. Een belangrijk onderdeel van deze intake is een ‘leerbaarheidstoets’ welke inzicht moet geven in de te volgen leerroute. De brede intake moet de gemeente ondersteunen bij het integraal werken in het sociaal domein en is van groot belang voor het zo snel mogelijk laten meedoen van de nieuwkomer in de Nederlandse samenleving.
  • De intake is de start voor het persoonlijke Plan Inburgering en Participatie (PIP) dat de gemeente opstelt voor iedere nieuwkomer. In dit plan staat de combinatie tussen het leren van de taal en werk, vrijwilligerswerk, studie of stage centraal. Het plan draait dus niet alleen om het voldoen aan de inburgeringsplicht, maar ook om het zo snel mogelijk naar vermogen meedoen van de nieuwkomer in de samenleving.
  • Verhoging van de taaleis van A2 naar B1: De norm wordt dat inburgeringsplichtigen in hun inburgeringstraject de route volgen naar het taalniveau B1. Als mensen in staat zijn tot meer, wordt het behalen van niveau B2 aangemoedigd. Voor inburgeraars tot 30 jaar komt er de mogelijkheid om in te burgeren via een onderwijsroute die een schakel vormt naar vervolgonderwijs. Voor inburgeraars die het B1 niveau niet kunnen halen komt er een route waarin extra aandacht aan hen besteed wordt, de Z-route. Er worden dus geen ontheffingen meer gegeven, maar juist extra aandacht aan deze groep besteed.
  • Ontzorging: Gemeenten krijgen de opdracht om statushouders de eerste periode te ontzorgen. Gemeenten betalen in deze periode de vaste lasten (huur, energie, verzekeringen) voor de statushouder uit de bijstand gedurende maximaal 6 maanden. De statushouder ontvangt het restant en de toeslagen.

Het is de bedoeling dat het gewijzigde stelsel vanaf 1 januari 2021 ingaat.

Voorbereiding op het nieuwe inburgeringsstelsel

De overgang naar het nieuw inburgeringsstelsel is voor de gemeenten een grote transitie die goed voorbereid moet worden. Daarom stelt het Rijk extra middelen ter beschikking om de voorbereidingen goed te laten verlopen:

  • De gemeenten krijgen vooruitlopend op het stelsel in 2019 en 2020 tijdelijk 2x 20 miljoen euro beschikbaar om al aan de slag te gaan met de ondersteuning en begeleiding van inburgeraars. De middelen zijn ook bedoeld om toe te groeien naar de nieuwe regierol van de gemeente.
  • Divosa krijgt middelen om gemeenten te ondersteunen.
  • Voor gemeenten die deels al werken vanuit de nieuwe uitgangspunten komen middelen beschikbaar om deze al bestaande werkwijzen te evalueren en lessen hieruit te trekken voor alle gemeenten. Hiervoor kan een aanvraag worden gedaan voor cofinanciering vanuit het Rijk. Een van de eisen om in aanmerking te komen voor de cofinanciering is dat u een offerte voor de evaluatie dient aan te vragen bij minimaal 3 bureaus.
  • Er zijn middelen beschikbaar voor pilots waarin nieuwe aanpakken worden ontwikkeld en uitgetest. De inschrijving voor de eerste tranche van deze pilots loopt tot 31 mei. Later volgt nog een tweede tranche.

Ondersteuning door IROKO

Voor gemeenten zal in korte tijd veel werk verzet moeten worden om zich gedegen voor te kunnen bereiden op de aanstaande stelselwijzigingen. IROKO kan ondersteuning bieden op de volgende activiteiten:

  • Aanvraag 2e tranche pilot: IROKO ondersteunt u graag bij het uitwerken van uw aanvraag voor een pilotproject bij het ministerie van SZW. Tot uiterlijk 13 september 2019 kunt u een aanvraag voor een pilot in de tweede tranche indienen. 
  • Evaluatie bestaande werkwijze: De adviseurs van IROKO hebben uitgebreide ervaring met evaluatie van uitvoering van projecten en aanpakken in het domein werk & inkomen. Wanneer
  • uw gemeente bij het Rijk een voorstel heeft ingediend om een lopend initiatief te laten evalueren, werken wij graag een offerte/plan van aanpak voor deze evaluatie voor u uit.  
  • Beleids- en uitvoeringsplan Inburgering: IROKO kan u ondersteunen bij de voorbereidingen op de nieuwe inburgeringswet. IROKO heeft ruime ervaring in het opstellen van beleidsplannen en het voorbereiden en implementeren van veranderingen. IROKO kan desgewenst ook starten met een vooronderzoek om te bepalen op welke terreinen de gemeente actie zal moeten ondernemen om op tijd de verandering succesvol te kunnen doorvoeren.
  • Implementatie: IROKO ondersteunt u graag bij de implementatie, waaronder de voorbereiding van de inkoop van inburgeringstrajecten, de voorbereiding van medewerkers en aanpassing van werkprocessen en systemen op de uitgebreidere taak van de gemeente op het terrein van inburgering.

Contact

Uiteraard lichten wij onze kennis en ervaring graag nader toe. Wanneer u hier interesse in heeft, neem dan contact op met Jaco van Velden, partner bij IROKO. Via email:  jvvelden@iroko.nl o.v.v. Ondersteuning Inburgering en uw gegevens. Of bel Jaco via 06 51569127.